Volgens de Verenigde Naties woont 55% van de wereldbevolking vandaag in urbane gebieden. Tegen 2050 zal dit aandeel stijgen tot 68%. In metropolen als Guangzhou of Tokio wonen meer dan 35 miljoen mensen samen. Dit brengt vele uitdagingen met zich mee, denk onder meer aan sociale cohesie. In de groei zitten ook heel wat opportuniteiten vervat: de ontwikkeling van de steden kan groene en digitale impulsen geven. De ontwikkeling van ‘smart cities’ vormt hierbij de leidraad.

Pieter Ballon is professor in de communicatiewetenschappen aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB). Daarnaast is hij directeur van het centrum voor studies over media, innovatie en technologie (SMIT), dat gelinkt is aan zowel de VUB als IMEC, het Vlaamse innovatiecentrum voor ICT. Hij houdt zich bezig met de zakelijke, maatschappelijke en beleidsaspecten van ICT-innovatie met accent op ICT-innovatie in onze fysieke omgeving, wat men vandaag ‘smart cities’ noemt.

 

Wat kunnen we verstaan onder ‘smart cities’?
‘Een smart city* of slimme stad is een stad waarbij informatietechnologieën en het internet der dingen gebruikt worden om de stad te beheren en te besturen. De kracht van de nieuwe data-technologieën laat toe om heel veel informatie over een stad te verzamelen. Deze data wordt met elkaar verbonden, geanalyseerd en terug verspreid. Op basis van die kennis onderneem je vervolgens acties om die stad beter te laten functioneren. Dit kan gebeuren via de overheid, via bedrijven of door individuele burgers. Er zijn verschillende toepassingen mogelijk. Denk maar aan het sturen van verkeer tijdens files, het indijken van luchtvervuiling, het veiliger maken van steden en nog veel meer. De essentie van een smart city is het mogelijk maken van meer intelligente beslissingen, doordat je meer en betere informatie ter beschikking krijgt.’ 

‘Een smart city maakt meer intelligente beslissingen mogelijk, doordat je meer en betere informatie ter beschikking krijgt.’ 

 

Hoe ziet de ideale stad eruit in 2030?

Het democratische proces zal bepalen wat de ideale stad moet zijn. De informatie die we verzamelen in smart cities, is het middel om dat doel te bereiken. Met die informatie stel je doelstellingen op om je stad leefbaarder te maken. De smart city is niet het doel op zich. Het doel van zo’n slimme stad is de levenskwaliteit te verhogen door de stad efficiënter te organiseren. Zo kan je bijvoorbeeld meer mensen huisvesten op een kleinere oppervlakte. Een smart city kan evengoed slecht uitdraaien als je denkt aan een aantal ‘big brother’ toepassingen.’

 

Kan je een aantal concrete goede voorbeelden geven? 

Een eerste grote toepassingsgebied is mobiliteit. Veel mensen denken dat ze een optimale mobiliteitskeuze maken, maar die keuze blijkt heel nefast te zijn voor de maatschappij. Dat kan je aanpakken door mensen beter te informeren over hoe ze best op hun bestemming geraken. Door die informatie over mobiliteitsstromen te gebruiken, maak je het mensen gemakkelijker om een betere keuze te maken. Sommige mensen zouden met de fiets of het openbaar vervoer veel vlotter op het werk geraken. Je kan daarop allerlei abonnementsformules afstemmen. Als er toch iemand volhardt en de auto gebruikt, kan je bepalen hoe je die laat betalen voor de milieuschade. Je kan mensen ‘straffen’ of je kan goed gedrag belonen. Zo heeft men in Nederland geëxperimenteerd door mensen een kleine vergoeding te geven als ze de auto laten staan. Een tweede voorbeeld is luchtvervuiling. Door die beter in kaart te brengen, kan je de luchtvervuiling meer tastbaar maken. Hetzelfde geldt voor geluidsoverlast en criminaliteit. Veel van die problemen worden veroorzaakt of verergerd door een tekort aan informatie. We weten niet waar iets zich het meest voordoet of op welk moment, waardoor de interventie altijd te laat komt.’

 

Welke stad in de wereld is voor jou een mooi voorbeeld van hoe het kan?

‘Er zijn verschillende steden die op bepaalde domeinen al vrij ver staan. Zo heeft Kopenhagen een heel doorgedreven beleid om tegen 2025 klimaatneutraal te worden. Dit doen zij door een scala aan acties te ondernemen: het stimuleren van openbaar vervoer, mensen meer de fiets laten gebruiken, etc. Een onderdeel hiervan is een groot smart city beleid. Dit beleid is erop gericht om knelpunten voor fietsers in kaart te brengen, realtime informatie te geven over de beste routes en de beste mobiliteitskeuzes. Zo wil men klimaatneutraal en een groene stad worden. Dat lukt hen aardig omdat ze een heel duidelijke uitgesproken doelstelling hebben en daar systematisch met die datatechnologie naartoe werken. Ook steden als Helsinki, Barcelona, Londen, New York en Boston staan hierin al ver.’

 

Een hot item is de GDPR-wetgeving, zorgt dat niet voor een extra drempel?

‘GDPR gaat alleen maar over het bewust omgaan met data en kunnen verantwoorden wat je met data doet. GDPR laat nog altijd toe om informatie te verzamelen zolang het getoetst wordt aan de doelstelling die je stelt. Dus in principe zou GDPR geen belemmering mogen zijn voor een goed smart city beleid. Natuurlijk kost het wel meer inspanning om alles GDPR compliant te maken. GDPR is op zich niet erg afgestemd op smart city omgevingen, maar eerder gemaakt met bedrijven zoals Facebook in het achterhoofd. Als de mensen door de straten lopen en gefilmd worden, waar ga je ze doen klikken om akkoord te gaan dat ze gefilmd worden? Dat is een specifieke problematiek maar in het algemeen denk ik niet dat GDPR een vijand is van smart cities.’

 

Je spreekt over het democratische karakter van smart cities. Gaat het hier over een wisselwerking tussen steden, bedrijven en de burger?  

‘De overheid zal voor veel zaken alleen maar tussenkomen als facilitator. Je kan moeilijk een beleid uitstippelen rond mobiliteit, energiebezuiniging of preventie van geluidsoverlast en je burgers er niet bij betrekken. Het zou gek zijn dat al die informatie van smart cities enkel en alleen naar de overheid gaat. Bij veel smart city diensten die nu al bestaan, komt de overheid helemaal niet tussen. Denk maar aan Waze, de applicatie die in realtime info geeft over waar de files zijn en op basis daarvan passen mensen hun rijgedrag aan en zoeken ze de sluipweggetjes op. Deze dienst wordt al 2 à 3 jaar volop gebruikt door burgers. De overheid denkt nog steeds na om zulke routeplanners voor het openbaar vervoer te maken. Op heel veel vlakken heb je de burger nodig en op andere vlakken zal je ook voorbijgestoken worden door de burger.’ 

‘Door onze slechte ruimtelijke ordening en organisatie hebben we nood aan smart cities en nieuwe geavanceerde instrumenten die onze problemen kunnen oplossen.’

Hoever staat het met onze Vlaamse steden? 

‘Ik merk dat in de centrumsteden bijna elke stad een smart city coördinator heeft. De helft heeft ook al een datacoördinator. Zij zijn al plannen aan het voorbereiden voor de volgende legislatuur. In steden, zoals Kortrijk, Mechelen en Gent en recenter ook in Antwerpen en Brussel, worden individuele smart city projecten opgezet. Deze projecten zitten nog in een proeffase of in een fase waarin slechts op één geïsoleerde case wordt gewerkt. Ze zijn nog niet ingebed in het volledig mobiliteits – of veiligheidsbeleid van de stad. Er is zeker enthousiasme, maar we moeten naar een schaalvergroting of versnelling op het niveau van Vlaanderen en de stadsregio’s. Deze laatste worden heel hard getroffen door mobiliteitsproblemen en luchtvervuiling. Na de gemeenteraadsverkiezingen verwacht ik dat een aantal steden verder dan de individuele projecten zullen gaan en in hun budgetten een aantal ambitieuze en meer structurele plannen gaan inschrijven rond smart cities. Ook Vlaanderen wordt wakker. Recent hebben zij een aantal acties opgezet rond smart cities. We staan aan de vooravond van heel wat ontwikkelingen. We zijn een regio die het ook nodig heeft. Door onze slechte ruimtelijke ordening en organisatie zitten we met heel wat problemen die eigenlijk bijna onoplosbaar zijn met de huidige instrumenten. We moeten naar nieuwe geavanceerde instrumenten waarmee we er iets aan kunnen doen.’

 

*Wat is een smart city?

Bij een smart city wordt verzamelde data gebruikt om de stad te besturen. Nieuwe informatietechnologieën maken het mogelijk om heel veel data te verzamelen. In slimme steden stellen ze doelstellingen op om die steden te verbeteren en bestaande problemen op te lossen en uitdagingen in milieu, goed bestuur, mobiliteit, welvaart, bevolkingsgroei en vergrijzing aan te pakken.